Verven met paddenstoelen

Het verven van wol en zijde met natuurlijke verfstoffen is al heel oud. Natuurvolken, zoals de sami in Noord Europa, en de indianen in Noord Amerika, gebruiken onder andere paddenstoelen en korstmossen om textiel te verven. Veel van de kennis daarover is verloren gegaan. 

Svampfargning
Het boek van Hjordis Lundmark

Het verven met paddenstoelen als hobby werd in de 70er jaren herontdekt, vooral in Scandinavië  in de Verenigde Staten. Pioniers zijn Carla Sundstrom in Zweden en Miriam en Dorothy Beebee in Californië die in het begin van de tachtiger jaren hun ervaring hebben vastgelegd in een aantal boeken. In Duitsland is Karin Tegeler actief met cursussen plantaardig verven, en in Zweden is een groep enthousiast bezig met Svampefargning onder leiding van o.a. Hjordis Lundmark, die er ook een prachtig boek over heeft geschreven. Liefhebbers van verven met paddenstoelen komen tweejaarlijks samen op het international fungi and  fibre symposium, dat in 2018 voor het laatst werd gehouden in Oslo. 

Welke paddenstoelen kun je gebruiken?

Er zijn veel soorten paddenstoelen met prachtige kleuren; Helaas is het niet zo dat je met alle paddenstoelen ook kunt verven. Slechts relatief weinig paddenstoelen bevatten bruikbare pigmenten, en je kunt dat ook niet altijd aan het uiterlijk zien. De kleurstoffen binden zich aan de eiwit moleculen van de wol, maar niet aan de cellulose vezels van bijvoorbeeld katoen, vandaar dat katoen zich over het algemeen slecht met paddenstoelen laat verven. Zijde, net als wol van dierlijke oorsprong, is daarentegen wel heel geschikt.

De kleurstoffen in paddenstoelen die geschikt zijn om mee te verven zijn in water oplosbaar. Twee voorbeelden van zulke kleurstoffen zijn:

-anthrachinonen: meest rode en gele pigmenten, die in water oplosbaar zijn. Ze komen vooral voor bij verschillende soorten Gordijnzwammen, zoals de Pagemantel. Overigens zijn het ook de anthrachinonen die het pigment vormen van meekrap.

-styrylpyronen, zoals hispidine en hypholomine, die voorkomen in o.a. de dennenvoetzwam en in zwavelkopjes. Het zijn over het algemeen gele en bruine pigmenten, die onder invloed van ijzeracetaat om prachtige groene tinten kunnen geven.

Over het algemeen zijn de kleuren vrij goed lichtecht, met name de anthrachinonen en styrylpyronen. Sommige kleuren worden op den duur iets donkerder.

De Ruige weerschijnzwam

Ruige weerschijnzwam
Ruige weerschijnzwam

Deze houtzwam is een parasiet op stammen van levende loofbomen, o.a. Appel Es Beuk, Iep, Walnoot, en Plataan, voornamelijk in open gebieden, in parken, plantsoenen, lanen en op solitaire bomen, vooral op voedselrijke bodems. Het een opvallende zwam, die wel 20 cm doorsnee kan krijgen, met een roodbruine, behaarde bovenkant, en gele tot bleek bruine onderkant. Vaak scheidt de zwam heldere druppeltjes af aan de onderkant. Deze soort bevat een krachtig geel pigment, hispidine genaamd, dat wol mooi (goud) geel kleurt. Onder toevoeging van ijzer kun je fraaie mosgroene tinten krijgen. 50 gram gedroogde zwam is genoeg om een paar ons wol te verven in verschillende verfbaden. De kleuren zijn vrij goed lichtecht. Rechts ziet u het kleurenpalet dat je met . deze houtzwam kunt bereiken. De wol kleurt mooi warm geel in het eerste bad, de daarop volgende twee of drie baden geven een gradatie tot lichtgeel. Toevoeging van ijzerazijn aan het verfbad geeft diep mosgroen tot limoen in de opeenvolgende baden

het droogproces
het droogproces
Kleurenpalet van Ruige weerschijnzwam
Kleurenpalet van Ruige weerschijnzwam